dinsdag

Mijn eerste botsing

Dinsdag, een uurtje of zes. Met mijn blinkende bolide halen we nog snel wat boodschapjes. Mijn mooie schat glijdt over het wegdek alsof het speciaal voor haar gemaakt is. Met haar glimmende gelaat en ronde vormen trekt ze heel wat bekijks. Ja, ik ben blij met mijn Micra genaamd Miss Daisy Pooh Lullaby.

We naderen de Dammenlaan. De laan waar ik mijn eerste boete heb gekregen. Nog steeds schiet dit door mijn hoofd, elke keer als ik die verdomde laan oprij. Maar goed, niet aan denken. Gewoon dit keer niet te hard rijden en genieten van de ronkende motor en het gemak waarmee je van punt A naar punt B rijdt.

Het is nogal druk op de Dammenlaan; na een paar meter gereden te hebben, staan we weer stil om vervolgens weer een paar meter te kunnen rijden. Dan moet ik snel remmen; ineens staat de rij voor me stil. Ik druk op de rem, probeer Miss Daisy in bedwang te houden, maar het mag niet meer baten. Ik zit achterop de groene Peugeot voor me. Keihard en welgemeend zeg ik: ‘Kut kut godverdomme kut godverdomme! Kut kut kut kut……Godverdomme! (Nee, ik ben geen lid van de Stichting Anti-Vloeken). Martin maant me rustig. ‘Niets aan de hand, gewoon die man volgen. Rustig blijven, niets aan de hand.’ Ik laat nog een paar keer Kut en Godverdomme de vrije loop, er komt nog een Tering tussendoor en rij vervolgens de heer achterna.

We stoppen op de eerste parkeerplaats die we tegenkomen. Nog voor ik de motor uit heb, stapt Martin uit de auto naar de man toe. Een tikkeltje onzeker volg ik hem; ik heb absoluut geen idee wat ik moet doen. Bij de heer valt de schade mee, ook is hij gelukkig heel vriendelijk. Hij heeft een paar krasjes op zijn bumper, maar verder is er niets aan de hand.

Mijn auto aan ziet er minder uit, allebei dr koplampjes zijn kapot en de motorkap is ingedeukt. Gelukkig is er niets met de motor aan de hand en is het enkel blikschade. Zelfs de koplampen doen het nog. Hoewel de schade niet groot is, baal ik flink. Mijn lieve, schattige, trouwe autootje heeft schade en dat gaat me niet in de koude kleren zitten. Ik verman mezelf, wetende dat dit te herstellen is.

Een ding is zeker: ik ga in het vervolg met een grote boog om de Dammenlaan heen. Deze laan heeft het niet goed voor met mij en mijn bolide. Want op deze laan heb ik en mijn eerste boete, en mijn eerste botsing gekregen

Geen opmerkingen: